Bestuurder Howard Johnson-hotel persoonlijk aansprakelijk voor schuld van 4 ton

· - leestijd 1 minuut
Afbeelding

WILLEMSTAD – De bestuurder van het voormalige Howard Johnson-hotel in Otrobanda is door het Gemeenschappelijk Hof van Justitie persoonlijk aansprakelijk gesteld voor een schuld van ruim 400.000 gulden aan ontwikkelingsbank Korpodeko.


Het Hof oordeelde in hoger beroep dat de bestuurder hoofdelijk verbonden was aan de leningen van het failliete hotelbedrijf en daarom persoonlijk moet terugbetalen.

Kredieten

De zaak draait om kredieten die Korpodeko verstrekte aan de exploitant van het Howard Johnson-hotel, Caribbean Hospitality Management (CHM). Nadat het hotelbedrijf failliet ging, bleef een schuld van circa 404.000 gulden openstaan.

Omdat de bestuurder de kredietovereenkomsten mede persoonlijk had ondertekend, sprak Korpodeko hem rechtstreeks aan.

In eerste aanleg kreeg de bestuurder nog gelijk, maar het Hof vernietigt dat vonnis en wijst de vordering van Korpodeko alsnog grotendeels toe. Volgens het Hof geldt de bestuurder als hoofdelijk schuldenaar naast het failliete bedrijf en kan hij daarom persoonlijk worden aangesproken voor de volledige schuld.

Zekerheden

De bestuurder voerde aan dat Korpodeko eerst onvoldoende had gedaan om zich te verhalen op zekerheden van het hotelbedrijf, zoals de inventaris van het hotel, en daarmee haar zorgplicht had geschonden. Het Hof verwerpt dat verweer.

Uit het dossier blijkt volgens de rechters dat het hotelbedrijf jarenlang kampte met schulden bij meerdere partijen en dat Korpodeko wel degelijk stappen heeft gezet om haar positie veilig te stellen.

Zo tekende de bank verzet aan tegen dwanginvordering en sloot zij later een regeling waarbij zij een deel van de opbrengst van geveilde goederen ontving. V

olgens het Hof was de bank niet verplicht om alle mogelijke procedures door te zetten of om elke door de bestuurder voorgestelde oplossing te volgen. Van schending van de zorgplicht is daarom geen sprake.

Persoonlijk getekend

Omdat de bestuurder persoonlijk had meegetekend voor de leningen en de bank voldoende inspanningen heeft geleverd om de schuld te verhalen, moet hij als hoofdelijk schuldenaar het openstaande bedrag van ruim 404.000 gulden betalen, vermeerderd met rente en proceskosten.


3.087 keer gelezen

Deel dit artikel: